De Europese Commissie, België en Nederland dragen bij aan wereldconferentie over kinderarbeid
20 mei 2022
De 5e Wereldconferentie over de uitbanning van kinderarbeid vond plaats in Durban, en bracht duizenden deelnemers van over de hele wereld bijeen. Het was de eerste wereldwijde conferentie over kinderarbeid die in Afrika werd gehouden, georganiseerd door de regering van Zuid-Afrika, de IAO en Alliance 8.7. Vertegenwoordigers van de Europese Commissie, België, Nederland en Luxemburg namen deel aan de conferentie.
Het eerste panel op hoog niveau onderzocht de algemene situatie van kinderarbeid en identificeerde de dringendste uitdagingen die op mondiaal niveau moeten worden aangepakt. Europees commissaris voor Internationale partnerschappen Jutta Urpilainen benadrukte twee werkgebieden om kinderarbeid beter aan te pakken, en schetste de bijdrage van de EU.
Ten eerste zijn beleidsmakers, bedrijven en consumenten er samen verantwoordelijk voor dat de wereldwijde toeleveringsketens vrij zijn van kinderarbeid. Producten zoals kleding, chocolade, koffie of elektronica mogen niet door kinderen worden geproduceerd. Mevrouw Urpilainen kondigde aan dat de Commissie 10 miljoen euro zal investeren in een nieuwe actie die vooral gericht is op waardeketens in de landbouw, waarin kinderarbeid veel voorkomt en de uitvoer naar de EU aanzienlijk is.
Ten tweede moeten we, om kinderarbeid uit te bannen, alle kinderen toegang geven tot onderwijs. Het door de EU gefinancierde CLEAR Cotton-project, dat wordt uitgevoerd door de IAO en de FAO, heeft al 4000 kinderen van de katoenvelden gehaald en hen opnieuw in scholen of opleidingscentra gereïntegreerd.
De Europese Commissie organiseerde tijdens de conferentie ook twee nevenevenementen. De bestrijding van armoede, die aan de basis ligt van kinderarbeid, blijft een topprioriteit van de EU. Een andere prioriteit is het garanderen van een eerlijk loon. Het initiatief voor duurzame cacao moet ervoor zorgen dat producenten een eerlijke prijs krijgen voor hun product. De EU heeft een uitgebreide strategie opgezet om kinderarbeid te bestrijden. Zij doet dit bijvoorbeeld in haar handelsbetrekkingen, via het stelsel van algemene preferenties, dat de ratificatie en daadwerkelijke tenuitvoerlegging van de twee ILO-verdragen inzake kinderarbeid mogelijk maakt en meer dan 60 landen bereikt.
Karien van Gennip, Nederlands minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, nam het woord tijdens de plenaire sessie die terugblikte op 25 jaar onafgebroken en toenemende inzet om een einde te maken aan kinderarbeid. Zij legde uit dat Nederland zich specifiek richt op wereldwijde toeleveringsketens. Bedrijven hebben een verantwoordelijkheid, net als consumenten, zei de minister. "In Nederland hebben we gemerkt dat bedrijven bereid zijn om zich in te zetten, maar dat ze daarbij ook hulp nodig hebben, vooral onze kleine en middelgrote ondernemingen. We moedigen bedrijven aan om on the ground veranderingen door te voeren."
Nederland is verheugd dat de Europese Commissie haar voorstel voor een EU-Richtlijn inzake maatschappelijk verantwoord ondernemen heeft gepubliceerd. Intussen zal het land nationale due diligence-wetgeving opstellen om meer respect voor mensenrechten en het milieu in het bedrijfsleven te bevorderen. Het ACCEL-Afrika-project van de IAO, dat door de Nederlandse regering wordt gefinancierd, heeft tot doel kinderarbeid uit de toeleveringsketens in Afrika te bannen.
In zijn toespraak tot de conferentie zei Pierre-Yves Dermagne, vice-eersteminister van België en minister van Economie en Werk, dat "de toepassing van de arbeidsnormen van de IAO, de toegang tot onderwijs en de ontwikkeling van universele stelsels van sociale bescherming krachtige instrumenten zijn om kinderarbeid te bestrijden" en dat geen enkel land vrij is van de gesel van kinderarbeid. De minister kondigde aan dat België de mogelijkheid onderzoekt om toe te treden tot de Alliantie 8.7 en zich ten volle inzet voor de internationale reflectie over de rol en de verantwoordelijkheid van de ondernemingen in hun waardeketen.
De deelnemers aan de conferentie namen de Durban Call to Action aan, waarin ze hun engagement uitdrukken om een einde te maken aan kinderarbeid.
Het eerste panel op hoog niveau onderzocht de algemene situatie van kinderarbeid en identificeerde de dringendste uitdagingen die op mondiaal niveau moeten worden aangepakt. Europees commissaris voor Internationale partnerschappen Jutta Urpilainen benadrukte twee werkgebieden om kinderarbeid beter aan te pakken, en schetste de bijdrage van de EU.
Ten eerste zijn beleidsmakers, bedrijven en consumenten er samen verantwoordelijk voor dat de wereldwijde toeleveringsketens vrij zijn van kinderarbeid. Producten zoals kleding, chocolade, koffie of elektronica mogen niet door kinderen worden geproduceerd. Mevrouw Urpilainen kondigde aan dat de Commissie 10 miljoen euro zal investeren in een nieuwe actie die vooral gericht is op waardeketens in de landbouw, waarin kinderarbeid veel voorkomt en de uitvoer naar de EU aanzienlijk is.
Ten tweede moeten we, om kinderarbeid uit te bannen, alle kinderen toegang geven tot onderwijs. Het door de EU gefinancierde CLEAR Cotton-project, dat wordt uitgevoerd door de IAO en de FAO, heeft al 4000 kinderen van de katoenvelden gehaald en hen opnieuw in scholen of opleidingscentra gereïntegreerd.
De Europese Commissie organiseerde tijdens de conferentie ook twee nevenevenementen. De bestrijding van armoede, die aan de basis ligt van kinderarbeid, blijft een topprioriteit van de EU. Een andere prioriteit is het garanderen van een eerlijk loon. Het initiatief voor duurzame cacao moet ervoor zorgen dat producenten een eerlijke prijs krijgen voor hun product. De EU heeft een uitgebreide strategie opgezet om kinderarbeid te bestrijden. Zij doet dit bijvoorbeeld in haar handelsbetrekkingen, via het stelsel van algemene preferenties, dat de ratificatie en daadwerkelijke tenuitvoerlegging van de twee ILO-verdragen inzake kinderarbeid mogelijk maakt en meer dan 60 landen bereikt.
Karien van Gennip, Nederlands minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, nam het woord tijdens de plenaire sessie die terugblikte op 25 jaar onafgebroken en toenemende inzet om een einde te maken aan kinderarbeid. Zij legde uit dat Nederland zich specifiek richt op wereldwijde toeleveringsketens. Bedrijven hebben een verantwoordelijkheid, net als consumenten, zei de minister. "In Nederland hebben we gemerkt dat bedrijven bereid zijn om zich in te zetten, maar dat ze daarbij ook hulp nodig hebben, vooral onze kleine en middelgrote ondernemingen. We moedigen bedrijven aan om on the ground veranderingen door te voeren."
Nederland is verheugd dat de Europese Commissie haar voorstel voor een EU-Richtlijn inzake maatschappelijk verantwoord ondernemen heeft gepubliceerd. Intussen zal het land nationale due diligence-wetgeving opstellen om meer respect voor mensenrechten en het milieu in het bedrijfsleven te bevorderen. Het ACCEL-Afrika-project van de IAO, dat door de Nederlandse regering wordt gefinancierd, heeft tot doel kinderarbeid uit de toeleveringsketens in Afrika te bannen.
In zijn toespraak tot de conferentie zei Pierre-Yves Dermagne, vice-eersteminister van België en minister van Economie en Werk, dat "de toepassing van de arbeidsnormen van de IAO, de toegang tot onderwijs en de ontwikkeling van universele stelsels van sociale bescherming krachtige instrumenten zijn om kinderarbeid te bestrijden" en dat geen enkel land vrij is van de gesel van kinderarbeid. De minister kondigde aan dat België de mogelijkheid onderzoekt om toe te treden tot de Alliantie 8.7 en zich ten volle inzet voor de internationale reflectie over de rol en de verantwoordelijkheid van de ondernemingen in hun waardeketen.
De deelnemers aan de conferentie namen de Durban Call to Action aan, waarin ze hun engagement uitdrukken om een einde te maken aan kinderarbeid.