Werelddag tegen kinderarbeid 2012 –“Werk maken van strijd tegen kinderarbeid”

Er bestaat nog altijd een grote kloof tussen de ratificatie van Verdragen inzake kinderarbeid en de concrete acties van landen in hun strijd tegen kinderarbeid. Dat zegt de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) in een rapport dat op 12 juni 2012, de tiende verjaardag van de Werelddag tegen kinderarbeid, onder de aandacht wordt gebracht.

Persbericht | 11 juni 2012

GENEVE (IAO-Nieuws) – Er bestaat nog altijd een grote kloof tussen de ratificatie van Verdragen inzake kinderarbeid en de concrete acties van landen in hun strijd tegen kinderarbeid. Dat zegt de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) in een rapport dat op 12 juni 2012, de tiende verjaardag van de Werelddag tegen kinderarbeid, onder de aandacht wordt gebracht.

"We kunnen nog lang niet tevreden zijn als we weten dat wereldwijd nog altijd 215 miljoen kinderen werken om te kunnen overleven, en dat meer dan de helft onder hen te maken krijgt met de ergste vormen van kinderarbeid zoals slavernij en gewapende conflicten. We mogen niet toestaan dat het uitbannen van kinderarbeid minder belangrijk wordt op de ontwikkelingsagenda. Alle landen moeten streven naar het afschaffen van kinderarbeid, door middel van nationaal en internationaal beleid“, zegt directeur-generaal Juan Somavia van de IAO.

Volgens nieuwe schattingen in de IAO-studie “De strijd tegen kinderarbeid: van engagement tot actie” die op 1 juni 2012 werd gepubliceerd, zitten ongeveer 5 miljoen kinderen gevangen in dwangarbeid, waaronder seksuele uitbuiting voor commerciële doeleinden en schuldgebonden slavernij. En dat cijfer wordt nog gezien als een onderschatting.

Het IAO-Verdrag nr. 138 inzake de minimumleeftijd voor tewerkstelling en het Verdrag nr. 182 betreffende het verbod van de ergste vormen van kinderarbeid behoren tot de meest geratificeerde van alle IAO-verdragen. Van de 185 IAO-lidstaten heeft 88% het Verdrag nr.138 en 95,1% het Verdrag nr.182 geratificeerd. Het uiteindelijke doel van de IAO is een universele ratificatie van de Verdragen tegen 2015.

Volgens het IAO-rapport “De strijd tegen kinderarbeid: van engagement tot actie” worden de inspanningen voor het terugdringen van kinderarbeid echter vaak tenietgedaan door gebrekkige afspraken en omzettingen van de Verdragen in de praktijk.

De grootste kloof tussen engagement en actie ligt volgens het rapport in de informele economie, waar de meeste schendingen van fundamentele arbeidsrechten plaatsvinden. Kinderen op het platteland, kinderen van migrerende werknemers en kinderen van inheemse volkeren worden het vaakst slachtoffer van kinderarbeid.

De IAO stelt ook dat relatief weinig gevallen van kinderarbeid de nationale rechtbanken bereiken. Sancties voor overtredingen zijn vaak te zwak om effectief te zijn als afschrikmiddel tegen de uitbuiting van kinderen. Nationale gerechtelijke instellingen en beschermingsprogramma‘s voor slachtoffers moeten dan ook worden versterkt.

Ondanks de nood om nog meer en beter werk te maken van de strijd tegen kinderarbeid, erkent het rapport van de IAO de belangrijke vooruitgang die wordt geboekt in een aantal landen. Zo ziet de IAO de volgende trends:

  • Een groeiende lijst van landen stelt nationale actieplannen op om kinderarbeid aan te pakken.
  • Er ontstonden heel wat wettelijke verboden om gevaarlijke kinderarbeid te identificeren en voorkomen.
  • Er wordt globaal meer wetgeving aangenomen tegen kinderprostitutie en kinderpornografie.
  • Er is een duidelijke toename van internationale samenwerking en wederzijdse steun tussen lidstaten, meer bepaald over mensenhandel.

"We moeten voortbouwen op nationaal beleid en bestaande landelijke programma's en daaruit lessen trekken om effectieve maatregelen tegen kinderarbeid overal ter wereld te garanderen", aldus Juan Somavia. Hij voegt eraan toe: "Waardig werk voor ouders en onderwijs voor kinderen zijn onmisbare bouwstenen voor een strategie ter uitbanning van kinderarbeid. We moeten onze inspanningen verdubbelen, met de „Roadmap voor het uitbannen van de ergste vormen van kinderarbeid tegen 2016“, die in 2010 in Den Haag ondertekend werd, als wegwijzer“.

De IAO-Verdragen proberen om kinderen te beschermen tegen blootstelling aan kinderarbeid. Samen met andere internationale instrumenten met betrekking tot kinderrechten, rechten voor werknemers en mensenrechten bieden ze een belangrijk kader voor wetgeving, beleid en acties tegen kinderarbeid.

Noot voor journalisten:

De Werelddag tegen kinderarbeid vindt elk jaar op 12 juni plaats. Het is het belangrijkste jaarlijkse evenement gericht op de strijd tegen kinderarbeid. In 2012 is het thema "Mensenrechten en sociale rechtvaardigheid: laat ons een punt zetten achter kinderarbeid". Er worden evenementen georganiseerd in meer dan 50 landen. Onder meer de Internationale Arbeidsconferentie van de IAO die momenteel in Genève plaatsvindt, zal aandacht besteden aan deze dag.

Voor meer informatie of om IAO-experts te interviewen, neem contact op met

Barbara Janssens, Communicatie assistent van het IAO-Brussel (0032 484 91 55 59)

Het IAO-programma tegen kinderarbeid (IPEC): +41 22/799-6164 of +41 76/771-3085 (Engels), +41 22/799- 7037 of +41 76/371-1252 (Engels, Spaans), of +41 22/799-6618 of +41 76/7173-647 (Engels, Frans) of via e-mail: ipec@ilo.org.

U kunt fotomateriaal downloaden op /dyn/media/mediasearch.home